De kolibrievlinder
waargenomen in de Jeugrubbenhof: een kolibrievlinder.
Meestal kun je deze interessante vlinder zien in de zomer. Het is een trekvlinder, die vanuit Noord-Afrika en Zuid-Europa naar het noorden trekt. Aanhoudende wind uit het zuiden helpt de vlinders bij de trektocht. Vorig jaar (warme en droge zomer) waren er veel waarnemingen. Maar dat al zo vroeg in het voorjaar een kolibrievlinder rondvliegt, is uitzonderlijk. Zou het kunnen, dat de vlinder heeft overwinterd (milde winter)? Of heeft de gespotte kolibrievlinder al vroeg in het jaar vanuit het verre zuiden een weg gezocht naar ons volkstuincomplex? Wie het weet, mag het zeggen.
De kolibrievlinder is een van de weinige vlinders, die als een helikopter voor een bloem in de lucht kunnen “hangen” en tegelijk ook nog met een lange roltong nectar uit een bloem zuigen. In rust is de roltong als een horlogeveer opgerold. De vlinders zijn ongelooflijk behendige en snelle vliegers. Hangend in de lucht kunnen ze plotseling wegschieten. Omdat ze nooit lang op dezelfde plek blijven en snel van bloem tot bloem gaan, hebben ze ook de naam gekregen van onrust-vlinder.
Kolibrievlinders zetten de eitjes af op walstrosoorten. De rupsen dragen op het eind van de rug een stekel (pijlstaart). Soms kom je wel eens andere pijlstaartrupsen tegen. De pijlstaart ziet er indrukwekkend uit, maar ermee steken kan de rups niet.
Copyright @ jeugrubbenhof